Wnra als startpunt voor modernisering

Luchtverkeersleiding Nederland (LVNL) heeft een bijzondere positie als zelfstandig bestuursorgaan (zbo) met eigen arbeidsvoorwaarden en heeft het proces rondom de Wnra daarom zelf moeten vormgeven. De organisatie pakte meteen ook een andere uitdaging op: het moderniseren van de (uitvoerings)regelingen, in co-creatie met de bonden en OR. Ook dát proces was uniek en “best spannend”.

“Als zbo hebben we ons eigen rechtspositiereglement. Dit betekent dat we al onze regelingen, de cao’s, zelf moeten ontwikkelen. Bij de omzetting van de Wnra had dat voor- en nadelen”, zegt Bert Harperink, senior Expert Arbeidszaken bij LVNL.

“Nadeel is dat je er als organisatie alleen voor staat, omdat we niet onder werkgeverskoepels vallen als de VNG, het IPO of het Rijk. We kunnen dus niet met ze meeliften. Voordeel is dat we nergens ‘last’ van hebben. We kunnen sneller slagen maken in de besluitvorming en onze eigen doelen en aanpak kiezen.”

Co-creatie met bonden en OR

De ambitie van LVNL was groot. “Aanvankelijk wilden we niet alleen de omschrijving van arbeidsrechten qua taalgebruik en toegankelijkheid moderner maken, maar ook de arbeidsvoorwaarden in dat licht bekijken.” Dat laatste bleek een stap te ver. “De Wnra heeft een dwingend tijdspad. Dan is dat niet handig.”
 
“We wilden het proces van de Wnra uitdrukkelijk in co-creatie met de bonden en de OR vormgeven”, vult projectleider Wnra, Wim van Beem, aan. “Daarvoor is onderling vertrouwen nodig. Dus hebben we gezegd: we richten ons eerst alleen op de Wnra, op een beleidsneutrale overgang. Hiermee bedoelen we: de medewerkers moeten er niet slechter van worden, maar hoeven er ook niet beter van te worden.”

Denken vanuit medewerker

Wel wilde LVNL inzetten op modernisering van de organisatie. Minder regelgeving en een cultuur van vasthouden aan je rol, meer pragmatisch vanuit onderling vertrouwen. Concreet betekende dit onder meer dat in gezamenlijk overleg “de stofkam” door de ambtelijke regelgeving werd gehaald.

Harperink: “In het oude ambtenarenrecht zitten bijvoorbeeld veel vangnetregels: voor allerlei situaties heb je regelgeving met ook weer bijlagen. Ook het taalgebruik was wollig en ambtelijk. Bovendien is het oude rechtspositiereglement geschreven vanuit rechten en posities van de OR en de bonden.” Hij laat twee multomappen zien.

“Eén map bevat het rechtspositiereglement, van oudsher het domein van de bonden. De andere map bevat uitvoeringsregelingen, van oudsher het domein van de OR. Soms staan er op wel drie of vier plekken regeltjes over een bepaald onderwerp.”

“De beide bundels met rechtspositiereglement en uitvoeringsregelingen wilden we integreren, vereenvoudigen en per thema indelen, waarbij we uitgaan van medewerkers: wat willen zij weten?”

Regelgeving moderniseren

Een grote klus, zo bleek. “Niet alleen het doorgronden van oude regelingen en die op een beleidsneutrale manier terugbrengen tot de kern, was een heel werk”, vertelt Harperink. “Ook vroegen wij ons bij tal van onderwerpen af of we ze nog wel in regelgeving moeten vastleggen.

Bijvoorbeeld het moment van aanvragen van verlof. Er waren allerlei regels voor, afhankelijk van de duur van het verlof. ‘Moet je dat nou zo formeel gaan regelen’, vroegen wij ons af. ‘Is dat nog wel van deze tijd?’ Zo ontstonden tal van discussies."

Oude stellingen doorbreken

In het begin was het “best spannend” hoe de bonden en de OR zich zouden opstellen in het overleg. Van Beem: “Een gezamenlijk commitment met bestuur, OR en bonden was misschien wel de grootste uitdaging in dit Wnra-proces. De bonden en OR zijn er natuurlijk alert op of er geen rechten verloren gaan.”

“We hebben geprobeerd om de structuur van het innemen van oude stellingen te doorbreken. Dit deden we door bewust te kiezen voor rondetafelgesprekken waarbij we zeiden: ‘stap even uit je rol en bedenk eens wat je als ideaal zou zien, waar je je zorgen om maakt of blij van wordt.’ Dat heeft heel goed gewerkt."

Wnra als wind in de rug

“Vereenvoudiging van regelgeving is ook onderdeel van de Wnra”, zegt Van Beem. “In die zin gaf de Wnra ons de wind in de rug. Ambtenarenrecht is eenzijdig en ingestoken op rechten, plichten en zekerheden geven aan je medewerkers, en die ook zo veel mogelijk vastleggen in regelgeving. Het arbeidsrecht is meer gericht op afspraken maken op hoofdlijnen.”

“In het ambtenarenrecht kun je bijvoorbeeld overal bezwaar tegen maken, van salarisinschaling tot de afwijzing voor een interne vacature. Het is best goed om regelgeving te hebben voor het geval medewerkers zich niet goed behandeld voelen, maar dat is wat anders dan daar een hele juridische rechtsgang voor vastleggen. Er kan veel meer in goed onderling overleg worden opgelost. Dat was ook onze insteek.”

Resultaat is een geïntegreerde bundel met arbeidsvoorwaarden waarin de informatie per thema is gerangschikt, in begrijpelijke taal. Harperink: “Dus geen omvangrijke, onleesbare regelingen meer van 40 pagina’s her en der verspreid over twee bundels, maar overzichtelijke informatie in makkelijk toegankelijke jip-en-janneketaal.”

Modern en toekomstbestendig

Ook het overleg met OR en bonden is veranderd. Van Beem: “We streefden ernaar om de samenwerking rond de Wnra breder te trekken dan de technische exercitie van de omzetting. We wilden de toon zetten hoe we ook in de toekomst met elkaar in gesprek kunnen gaan. Ik denk dat dat heel goed is geweest. We zoeken nu gezamenlijk naar oplossingen.”

Proces houdt niet op per 1 januari

Van de zomer hopen ze de omzetting en het overleg af te ronden met de OR en de bonden. Als ook de achterban van de bonden akkoord is, volgen de voorlichtingsbijeenkomsten, de administratieve implementatie en het opleiden van HR-personeel in de nieuwe werkprocessen. De arbeidsvoorwaardenbundel komt uiteindelijk op intranet en in een app op een visueel aantrekkelijke, overzichtelijke en toegankelijke manier.

Van Beem: “We zijn nu een bepaalde richting ingeslagen, zowel in hoe je het proces gezamenlijk vormgeeft als in de uitwerking daarvan. Sommige bepalingen bestonden al 20 jaar ongewijzigd en kijk waar wij nu staan. Onze aanpak stopt ook niet per 1 januari als de Wnra is ingevoerd. Ik zie het als een doorlopende ontwikkeling waarin je zowel aan vorm als inhoud sleutelt en dat aandacht blijft geven.”