Reden voor ontslag

Net zoals in het bestuursrechtelijke ambtenarenrecht is in het private ontslagrecht een redelijke grond voor ontslag nodig. Het private ontslagstelsel kent net als het ambtenarenontslagrecht een semi-gesloten stelsel van ontslaggronden.

De werkgever kan de arbeidsovereenkomst alleen opzeggen als daar een redelijke grond voor is en herplaatsing binnen een redelijke termijn in andere passende arbeid, al dan niet met behulp van scholing, niet mogelijk is, of niet in de rede ligt. Onder een redelijke grond verstaat de wet:

  • het vervallen van arbeidsplaatsen wegens bedrijfseconomische omstandigheden;
  • ziekte of gebreken van de werknemer waardoor hij niet meer in staat is de bedongen arbeid te verrichten (mits de ziekte ten minste twee jaar heeft geduurd en aannemelijk is dat binnen 26 weken geen herstel zal optreden en dat binnen die periode de bedongen arbeid niet in aangepaste vorm kan worden verricht);
  • het bij regelmaat niet kunnen verrichten van de bedongen arbeid als gevolg van ziekte of gebreken van de werknemer met voor de bedrijfsvoering onaanvaardbare gevolgen;
  • ongeschiktheid van de werknemer tot het verrichten van de bedongen arbeid, anders dan ten gevolge van ziekte of gebreken van de werknemer;
  • dusdanig verwijtbaar handelen of nalaten van de werknemer, dat van de werkgever in redelijkheid niet gevergd kan worden de arbeidsovereenkomst te laten voortduren;
  • het weigeren van de werknemer de bedongen arbeid te verrichten wegens een ernstig gewetensbezwaar, mits aannemelijk is dat de bedongen arbeid niet in aangepaste vorm kan worden verricht;
  • een dusdanig verstoorde arbeidsverhouding dat van de werkgever in redelijkheid niet kan worden gevergd de arbeidsovereenkomst te laten voortduren;
  • andere dan de hiervoor genoemde omstandigheden die zodanig zijn dat van de werkgever in redelijkheid niet kan worden gevergd de arbeidsovereenkomst te laten voortduren.

In artikel 669 Burgerlijk Wetboek Boek 7 (derde lid) vindt u de exacte wettekst.

Cumulatie van ontslaggronden

In het regeerakkoord is opgenomen dat het mogelijk moet zijn om de rechter de afweging te laten maken of ontslag gerechtvaardigd is op basis van de cumulatie van omstandigheden genoemd in de verschillende gronden (bijvoorbeeld verwijtbaar handelen gecombineerd met disfunctioneren en een verstoorde arbeidsrelatie). Hier staat voor de werknemer tegenover dat de rechter een extra vergoeding kan toekennen van maximaal de helft van de transitievergoeding (bovenop de reeds bestaande transitievergoeding). Dit moet nog worden omgezet in wetgeving. Op 7 november 2018 heeft de regering hiertoe het wetsvoorstel Arbeidsmarkt in balans bij de Tweede Kamer ingediend.